De Stralende Zon

Na uren in de bus gezeten te hebben, komen ze eindelijk aan in het dorp ‘De Goede Hoop’. Een pijl geeft aan dat ze naar domein ‘Le Soleil Brille’ rijden. Het is een prachtige oprijlaan. Ze lijkt een beetje op de laan zoals in de Aquariusschool, toen hij met Rose naar de Gouden Zon met daarin de Witte Iris ging.

Ze rijden door een smeedijzeren poort met daarboven een prachtige zon die enorm straalt. Bij het uitstappen kijkt Beertje vol verwondering naar die zon. Hij roept zijn vriend, de Gouden Zon, en vraagt welke zon er boven de poort hangt.

De Gouden Zon kijkt omhoog. “Zie jij haar?” vraagt zijn vriend verbaasd. “Dat is ISTASOL, de Stralende Zon. Het is een verdieping van de Transparante Zon waar de eerste Sterformatie is ingedaald. Zij krijgt haar opdrachten van de Verdiepte Morgenster en is werkzaam ver boven de transparante velden. Jij bent hier wel de enige die haar ziet, Beertje. Op dit ogenblik is het zelfs een zeldzaamheid dat een beer haar ziet. Ze is verre familie van mij. Ah, en het is heel normaal dat jij haar kunt zien. Jij en Rose komen tenslotte uit ‘The land of the condors’ en die wereld ken jij als je broekzak.”

“Gouden Zon, alles op zijn tijd. Beertje weet meer dan genoeg nu. Laat hem zijn eerste opdracht maar tot een goed einde brengen.”

Nu wendt ISTASOL, de Stralende Zon, zich tot Beertje. “Beertje, je hoeft alleen mijn naam uit te spreken en ik help je al. Ik ben zeer vereerd om kennis met je te maken. Gegroet, Kristallijnen Herder.” En ISTASOL, de Stralende Zon, maakt een diepe buiging voor hem.

Beertje staat met open mond te kijken en weet geen woord uit te brengen, zo onder de indruk is hij.

“Hup, hup. Maak dat je nu bij de groep bent ”, zegt ISTASOL en ondeugend richt ze haar stralen op Beertje.

“Beertje,” brult Rietstengel op hetzelfde moment, “kom op, man. We wachten op jou.”

Beertje zet het op een loopje en voegt zich bij de groep.

Pluimalie kijkt hem vragend aan. “Waar keek jij naar? Het leek wel of je een wereldwonder zag.”

“Ik keek naar de schoonheid van de poort.”

“Jaja, dat zal wel”, zegt Pluimalie terwijl ze naar de verroeste poort kijkt.

Alle beren krijgen hun kamer toegewezen waar ze hun bed opmaken en hun koffer uitpakken.

Daarna gaan ze allen naar de grote zaal waar ze een beker chocolademelk en een heerlijke koek krijgen. Dan krijgt iedereen een speld met zijn naam erop.

De vier begeleiders staan nu op. “Jongens en meisjes, ik ben Blinker. Dit zijn Bloembol, Rietstengel en Strohalm. Ik ben de hoofdleider en ben er voor iedereen. Wij hechten enorm veel belang aan respect voor de ander en samenwerken. Uiteraard zien we graag beleefdheid en een positief gedrag. Jullie werden ingedeeld bij een groep, waar je nu bij kunt aansluiten. Veel plezier.”

Rietstengel roept haar pupillen bij zich en vraagt hen hun wandelschoenen aan te trekken. Voor het avondmaal wil ze nog de omgeving gaan verkennen. Iedereen spoedt zich naar zijn kamer om zich klaar te maken.

Nadat Pruim en Lolbroek zich als laatsten bij de groep aangesloten hebben, gaan ze op stap.

Het wordt een fikse wandeling waarbij ze elke boom, struik en elk wegje in kaart brengen. Rietstengel wil graag dat iedereen zijn weg vindt tijdens een zoektocht of spel. Zelf maakt ze lintjes vast aan struiken en bomen zodat de weg naar de kampplaats zelfs voor de allerkleinsten terug te vinden is.

“Zo moet Strohalm het niet meer doen”, voegt ze eraan toe.

Bij hun terugkomst op de kampplaats is het avondmaal klaar en hongerig vallen ze aan op het eten. Daarna spelen ze tikkertje tot het donker wordt en dan gaat iedereen naar zijn kamer om zich gereed te maken voor de nacht.

Beertje is nog niet helemaal in zijn kamer of hij hoort een luide gil. Dat is Pluimalie, weet hij, en hij holt naar haar kamer. Op de gang komt hij Pruim en Lolbroek tegen die geniepig staan te lachen.

“Oh god, Pluimalie”, zegt Beertje ontzet wanneer hij haar kamer ziet.

“Dit, Beertje,” zegt Pluimalie terwijl ze naar de kamer wijst, “dit gebeurt elke dag op school met mijn schooltas. Woelie is weg, dat is het ergste.”

“Is Woelie je knuffel?”

“Ja, Woelie is mijn knuffel”, zegt Pluimalie zachtjes en begint haar kamer op te ruimen.

Terwijl Beertje helpt met opruimen, zegt Pluimalie bedenkelijk: “En jij denkt dat ze in de Aquariusschool hier een oplossing voor hebben. Brengen jouw vrienden Woelie terug?”

“Ik weet niet of ze Woelie terug kunnen brengen”, zegt Beertje terwijl hij aan oma’s woorden terugdenkt, dat je de Witte Roos niet moet roepen om een snoepje te krijgen. “Dit is toch anders”, denkt Beertje terwijl hij naar het verdrietige gezicht kijkt van Pluimalie. Hij sprint naar zijn kamer, pakt zijn knuffel en rent terug naar Pluimalie.

“Pluimalie, dit is Troostie, mijn knuffel. Je mag hem lenen tot Woelie terug is”, zegt Beertje terwijl hij Troostie in haar handen duwt.

“Goh, Beertje, dit heeft nog niemand voor mij gedaan. Dank je wel.” Ze geeft Beertje een dikke knuffel. “Dank je wel.”

“Pluimalie, je hebt geoefend met je boom hé”, zegt Beertje.

“Hoe weet je dat?” vraagt Pluimalie verbaasd.

“Je bent stevig blijven staan”, zegt Beertje.

Pluimalie kijkt naar haar voeten: “Hé, je hebt gelijk. En ik besef dat ik anders volledig op tilt sloeg als zoiets gebeurde en nu niet. Het zijn nog wel kleine wortels aan mijn boom, maar ze zitten er toch al aan. Wat ik doe met de boom, gebeurt met mij. Werkt dat zo?”

“Ja, Pluimalie, het werkt zo.”

“Beertje, wat doe jij hier?” buldert Rietstengel plots. “Naar je kamer jij en laat je hier niet meer zien. En jij, Pluimalie, je bed in.”

Beertje spoedt zich naar zijn kamer en duikt zijn bed in. Brrr, dit is best een beetje eng zonder Troostie.

Hij roept zijn vrienden, de Gouden Zon, de Vlammende Gouden Zon en de Gouden Kroon.

“Hoe kan ik Pluimalie haar Woelie terug laten vinden?” vraagt hij aan zijn vrienden.

“Vertrouw je ons?” vraagt de Gouden Kroon.

“Wat voor vraag is dat nu weer. Ja, natuurlijk vertrouw ik jullie. Daarom vraag ik het juist.”

“Ga dan slapen. Wij zorgen voor Pluimalie.”

De Gouden Kroon klapt in haar handen en op slag verandert Beertjes bed in een Witte Roos. De Kristallijnen Diamant zorgt voor het licht, de Witte Lelie laat de kamer heerlijk ruiken en Beertjes Ark schommelt hem zachtjes in slaap.

Terug naar de inhoud