Beertje en zijn innerlijke leiding

Het is vakantie voor Beertje in het berenbos. Dat vindt Beertje altijd leuk. Het is een bijzondere vakantie. Samen met zijn nieuwe vrienden uit de Aquariusschool oefent hij in het groot en sterk zijn vanuit zijn hart.

Rose is op vakantie in Zuid-Tirol met mevrouw Fleur en meester Witte Roos. Beertje mist haar soms een beetje. Nergens voelt hij zich beter dan bij haar. En hij is ook nog steeds op zoek naar die speciale verbinding met haar. Dan denkt hij even aan haar woorden: “Ik had toch beloofd dat ik terug zou komen, dat onze liefde sterk genoeg was om alles te overbruggen. En dat je me tot dan altijd kan vinden in je hart.” Zijn hart wordt dan héél warm en Beertje weet dat de onvoorwaardelijke liefde voor en van Rose nog altijd aanwezig is in zijn hart.

Vandaag is het een belangrijke dag. Zorgvuldig maakt Beertje samen met zijn mama zijn koffer klaar. Hij gaat voor de eerste keer op zomerkamp. Papa Brom vindt dat belangrijk. “Zo leer je nieuwe beren kennen. En je wordt er ook sterk van, als je niet steeds onder moeders vleugels zit”, zegt hij.

Beertje weet het zo nog niet. Hij zit in elk geval niet onder de vleugels van zijn mama, en groot en sterk is hij al in zijn hart. Beertje vindt het jammer dat papa Brom dat nog niet ziet.

Beertjes mama en oma zien het wel, net als zijn vriend, de Gouden Zon.

Voor zijn vertrek gaat hij nog even op bezoek bij zijn oma.

“Oh, fijn dat je er bent. Ik wilde juist gaan mediteren. Doe je mee?” vraagt ze aan Beertje.

Oma weet als geen ander dat ze zoiets geen twee keer hoeft te vragen.

Terwijl oma een zacht muziekje opzet gaat Beertje gemakkelijk zitten. Hij legt zijn handen open op zijn dijen en sluit zijn ogen. Hij denkt helemaal nergens meer aan.

Met een zachte stem neemt oma de leiding: “Ik zie onze vriend, de Gouden Zon, naar ons toekomen. Laat hem maar binnen in je hart.”

Beertje voelt gefriemel aan zijn hoofd en voelt hoe zijn vriend, de Gouden Zon, binnenkomt in zijn hart.

“Vlammende Gouden Zon, kom je ook in ons hart?” vraagt oma nu.

Opnieuw voelt Beertje gefriemel aan zijn hoofd en wordt hij nog warmer als de Vlammende Gouden Zon in zijn hart komt.

“Nu mag je ook de Gouden Kroon zien en haar binnenlaten in je hart. Lieve leiding in mij, wat mag ik vandaag leren op de Aquariusschool?” vraagt oma.

Beertje voelt opnieuw gefriemel aan zijn hoofd en wanneer zijn hart helemaal warm is, herhaalt hij in stilte oma’s woorden. Beertje laat nu alles los. Hij denkt helemaal nergens meer aan.

Even later klinkt het zacht in zijn hart: “Vertrouw op jezelf, wees niet bang voor het nieuwe. Wij zijn met en in jou.”

Beertje laat deze woorden diep tot zich doordringen en laat dan ook de woorden los. Na een tijdje hoort hij opnieuw de zachte muziek in oma’s kamer en opent hij zijn ogen.

“En, Beertje. Iets bijgeleerd?” vraagt oma.

“Ja”, zegt Beertje, “de Gouden Kroon fluisterde mij toe om te vertrouwen op mezelf en niet bang te zijn voor het nieuwe.”

“Ah, ben je dan bang om op zomerkamp te gaan?” vraagt oma.

“Het is wel iets dat ik nog nooit gedaan heb hé, oma. Ik weet totaal niet wat we daar allemaal zullen doen. En ik ken niemand die daar naartoe gaat. Het zal wel raar voelen”, zegt Beertje.

“Beertje, je hebt al zoveel vrienden uit de Aquariusschool die je kunt roepen om jou te helpen als er jou iets dwars zit. Juist als je problemen tegenkomt, krijg je de unieke kans om wat je geleerd hebt in de Aquariusschool toe te passen in het berenbos. Vanuit de Aquariusschool kijken de leraren dan toe hoe je met je scheppende krachten aan de slag gaat. Waar het nodig is, zullen ze je helpen. Je kunt natuurlijk ook een potje zitten jammeren. Dat is natuurlijk het gemakkelijkste. Het zal je echter niks helpen, je krijgt er alleen een nieuwe rots door. Heb je dan niet geoefend in je groot en sterk zijn?” vraagt oma.

“Ja, natuurlijk,” zegt Beertje, “kijk maar.” En Beertje wordt zo groot en sterk als een boom.

“Wauw, ja, ik zie het”, zegt oma met een trotse blik. “Roep je vrienden, de Gouden Zon, de Vlammende Gouden Zon en de Gouden Kroon. Wij noemen dat mediteren met je innerlijke leiding. Dan staan al je Aquariusvrienden klaar om jou te helpen waar het nodig is. Je moet hen niet zomaar roepen om een snoepje te krijgen van de andere beren. Dan zullen jouw scheppende krachten niet werken. Roep je echter de Witte Roos als je buikpijn hebt, dan is hulp verzekerd.”

“Oké, oma, ik neem je wijze raad mee. Mag ik mijn knuffeltje meenemen?” vraagt Beertje.

“Maar natuurlijk, Beertje, dat mag je zeker. Het voelt altijd goed als je een herinnering van thuis bij je hebt. Dat doe ik ook altijd”, zegt oma.

Beertje slaakt een diepe zucht, geeft zijn oma een dikke knuffel en gaat naar huis.

Die avond in zijn bed roept Beertje zijn vriend, de Witte Roos.

“Vriend, Witte Roos, help je me een goede nachtrust te hebben?”

Op slag veranderen Beertjes bed en zijn donsdeken in een Witte Roos.

“Hm, zalig. Het ruikt hier naar Rose, al zit ze nu in Zuid-Tirol”, fluistert Beertje zacht.

“Je ruikt de onvoorwaardelijke liefde, de liefde waar ik symbool voor sta”, fluistert de Witte Roos zachtjes terug.

“Hm”, murmelt Beertje terwijl zijn ogen langzaam dicht vallen.

Even later ziet Beertje in zijn droom Rose.
“Beertje, je moet weten dat er nog rozen zijn. Zij zullen je helpen om elke ongewenste situatie om te draaien naar een gewenste situatie. Kijk.”

Rose zet een stap opzij. Beertje ziet meester Witte Roos staan met achter hem een prachtige Witte Roos, waarvan het hart nog groter is dan dat van meester Witte Roos. Dan verschijnt de Kristallijnen Diamant met achter hem een Gouden Roos. Beertje ziet dat de Witte Lelie er ook is en achter haar staat een Kristallijnen Roos. Bijna helemaal onzichtbaar staat er achter de Ark ook een roos. Ze is helemaal transparant. Maar wat een kracht stralen ze samen uit.

Dan verschijnt Rose opnieuw. “Mijn lieve Beer, ik zie je gauw terug.” Heel zacht kust ze hem op zijn wang.

Dan stopt het dromen en Beertje slaapt de rest van de nacht heerlijk door.

Terug naar de inhoud